Dit is deel 3 van mijn "Road to Hyrox" serie. Elke week schrijf ik eerlijk op hoe de voorbereiding gaat — de goede én de slechte kanten. Geen highlight reel, gewoon de werkelijkheid.
Zestig dagen. Ik moest het twee keer tellen. Maar het klopt: nog zestig dagen tot ik in Thialf sta voor mijn eerste Hyrox. Drie weken geleden voelde de race als iets abstracts, iets van later. Nu begint het concreet te worden. En deze week liet de loopband me precies zien waar ik sta — of eigenlijk: waar ik nog niet sta.
De week volgens schema — maar het schema wordt zwaarder
Laat ik beginnen met het goede nieuws: alle trainingen zijn weer gedaan. Dat is nu drie weken op rij. De discipline zit erin, en dat is op zich al een overwinning. Maar ik merk dat het niet meer gaat om "de training doen". Het gaat erom hoe je ze doet. En daar zit het verschil.
De circuittrainingen blijven het leukste onderdeel van de week. De combinatie van oefeningen met korte rust, de afwisseling, het ritme — dat ligt me. Je bent bezig voor je het doorhebt en voor je het weet is de sessie voorbij. Die sessies voelen als training waarvoor ik gemaakt ben. Nou ja, bijna dan...
Ook de combinatie van 1 kilometer rennen gevolgd door een oefening gaat steeds beter. Het lukt, ik kom erdoorheen, en ik houd het vol. Maar mijn hartslag vertelt een ander verhaal. Die zit continu in de rode zone. Niet even een piek en dan herstel — nee, gewoon constant hoog. Het hele blok door. En dat is precies hoe Hyrox straks ook gaat voelen, besef ik me. Alleen dan acht keer achter elkaar.
Bij Hyrox wisselen hardlopen en stations elkaar continu af. Je hartslag krijgt nauwelijks de kans om te zakken. Dat maakt een hoge, constante hartslag niet per se een probleem — maar het betekent wel dat je aerobe basis bepaalt hoe lang je dat volhoudt.
Zone 2: de onmogelijke zone
Vorige week schreef ik dat mijn hartslag te snel omhooggaat bij het lopen. Deze week heb ik geprobeerd daar bewust mee om te gaan. Het plan: in zone 2 blijven. Rustig, aerobe training, de basis opbouwen.
De realiteit: zodra ik ga joggen — en ik heb het over een slakkentempo — schiet mijn hartslag naar zone 3. De enige manier om daadwerkelijk in zone 2 te blijven is snelwandelen. Snelwandelen. Voor iemand die zich aan het voorbereiden is op een race waar je 8 kilometer moet rennen, voelt dat als een klap in je gezicht.
Maar ik heb mezelf deze week gedwongen om het te accepteren. Als zone 2 betekent dat ik moet wandelen, dan wandel ik. Liever nu mijn ego inslikken dan straks na 4 kilometer volledig leeg zijn omdat mijn hart het niet aankan. De aerobe basis moet er komen, en de enige weg daarnaartoe is geduld.
Zone 2 training voelt belachelijk langzaam — zeker als je uit de krachthoek komt. Maar het is de basis onder alles. Als je alleen in zone 2 kunt blijven door te wandelen, wandel dan. Die grens schuift vanzelf op als je consistent bent.
Een uur loopband: de eerlijke spiegel
Zaterdagavond. Ik had het mezelf beloofd: een langere, aaneengesloten sessie op de loopband. Geen intervallen, geen circuits, gewoon een uur bewegen. Dat was vorige week de cliffhanger, en ik was benieuwd hoe het zou gaan.
Het viel tegen.
Niet omdat ik het niet volhield — ik heb het uur volgemaakt. Maar het was mentaal zwaarder dan ik had verwacht. Na veertig minuten begon ik mezelf af te vragen waarom ik dit deed. De loopband is genadeloos: geen afleiding, geen bochten, geen omgeving die verandert. Gewoon jij en die band. En je eigen gedachten.
Fysiek was het ook confronterend. Om mijn hartslag enigszins beheersbaar te houden moest ik regelmatig afwisselen tussen joggen en wandelen. Een uur achter elkaar joggen op een fatsoenlijk tempo? Daar ben ik nog lang niet. En dat is precies de informatie die ik nodig had. Niet leuk, wel waardevol.
Anderhalve kilo lichter
Tussen alle confronterende loopband-sessies door ook goed nieuws: ik ben nu anderhalve kilo afgevallen sinds de start. Geen crashdieet, gewoon bewuster eten. Stoppen met snacken, veel havermout en eiwitpoeders, porties beter in de gaten houden.
En ik merk het. Niet spectaculair, maar bij het lopen voel ik het verschil. Anderhalve kilo klinkt als niks, maar over 8 kilometer telt elke gram. Mijn benen hoeven minder mee te sjouwen en dat maakt een subtiel maar merkbaar verschil in hoe zwaar het voelt.
Anderhalve kilo klinkt als niks. Maar over 8 kilometer tel je elke gram.
Merijn — Road to HyroxHet plan is om dit vol te houden zonder dat het ten koste gaat van mijn energie in de trainingen. Tot nu toe lukt dat. De balans tussen genoeg eten om te presteren en langzaam lichter worden — die voelt nog goed. Ik houd het in de gaten.
Week 3: de tussenstand
Als ik deze week in één zin moet samenvatten: de training draait, maar het hardlopen is een project apart. De circuits zijn leuk, de kracht-sessies gaan goed, de combinatie van lopen en oefeningen lukt. Maar puur hardlopen — daar wordt ik eerlijk gehouden.
Zestig dagen klinkt als veel. Maar als ik kijk naar waar ik nu sta met het lopen, weet ik dat elke week telt. Er is geen ruimte om sessies over te slaan of weken te verspillen. De countdown loopt. En die loopband liegt niet.
Volgende week: mijn nieuwe hardloopschoenen komen binnen. Tot nu toe train ik op schoenen die meer voor crosstraining bedoelt zijn en niet specifiek voor hardlopen — benieuwd of dat verschil maakt. Kan het verschil zijn tussen joggen en wandelen in zone 2? We gaan het zien.
- Nog 60 dagen tot Hyrox Heerenveen — de countdown wordt concreet
- Alle trainingen voor de derde week op rij voltooid
- Zone 2 hardlopen lukt alleen al wandelend — geduld is de sleutel
- 1km run + oefening gaat goed, maar hartslag blijft continu hoog
- Een uur loopband: volgehouden, maar mentaal en fysiek confronterend
- Anderhalve kilo afgevallen — voelbaar verschil bij het lopen